Werkwoordpakket 4b

Schrijf de werkwoordsvormen in de witte vakjes. 

Klik pas op controle wanneer je helemaal klaar bent. Succes!

  bieden     lijden
tegenwoordige tijd verleden tijd   tegenwoordige tijd verleden tijd
ik   ik
hij   hij
wij   wij
voltooid deelwoord:   voltooid deelwoord:
bijvoeglijk naamwoord:   bijvoeglijk naamwoord:
tegenwoordig deelwoord:   tegenwoordig deelwoord:

 

  smelten     vechten
tegenwoordige tijd verleden tijd   tegenwoordige tijd verleden tijd
ik   ik
hij   hij
wij   wij
voltooid deelwoord:   voltooid deelwoord:
bijvoeglijk naamwoord:   bijvoeglijk naamwoord:
tegenwoordig deelwoord:   tegenwoordig deelwoord:

 

  eten     opwinden
tegenwoordige tijd verleden tijd   tegenwoordige tijd verleden tijd
ik   ik
hij   hij
wij   wij
voltooid deelwoord:   voltooid deelwoord:
bijvoeglijk naamwoord:   bijvoeglijk naamwoord:
tegenwoordig deelwoord:   tegenwoordig deelwoord:

 

  stilzitten     zenden
tegenwoordige tijd verleden tijd   tegenwoordige tijd verleden tijd
ik   ik
hij   hij
wij   wij
voltooid deelwoord:   voltooid deelwoord:
bijvoeglijk naamwoord:   bijvoeglijk naamwoord:
tegenwoordig deelwoord:   tegenwoordig deelwoord:

 

  gelden     schieten
tegenwoordige tijd verleden tijd   tegenwoordige tijd verleden tijd
ik   ik
hij   hij
wij   wij
voltooid deelwoord:   voltooid deelwoord:
bijvoeglijk naamwoord:   bijvoeglijk naamwoord:
tegenwoordig deelwoord:   tegenwoordig deelwoord:

 

  schenden     verwijten
tegenwoordige tijd verleden tijd   tegenwoordige tijd verleden tijd
ik   ik
hij   hij
wij   wij
voltooid deelwoord:   voltooid deelwoord:
bijvoeglijk naamwoord:   bijvoeglijk naamwoord:
tegenwoordig deelwoord:   tegenwoordig deelwoord: