Werkwoordpakket 5b

Schrijf de werkwoordsvormen in de witte vakjes. 

Klik pas op controle wanneer je helemaal klaar bent. Succes!

  inspannen     grazen
tegenwoordige tijd verleden tijd   tegenwoordige tijd verleden tijd
ik   ik
hij   hij
wij   wij
voltooid deelwoord:   voltooid deelwoord:
bijvoeglijk naamwoord:   bijvoeglijk naamwoord:
tegenwoordig deelwoord:   tegenwoordig deelwoord:

 

  laden     posten
tegenwoordige tijd verleden tijd   tegenwoordige tijd verleden tijd
ik   ik
hij   hij
wij   wij
voltooid deelwoord:   voltooid deelwoord:
bijvoeglijk naamwoord:   bijvoeglijk naamwoord:
tegenwoordig deelwoord:   tegenwoordig deelwoord:

 

  gonzen     braden
tegenwoordige tijd verleden tijd   tegenwoordige tijd verleden tijd
ik   ik
hij   hij
wij   wij
voltooid deelwoord:   voltooid deelwoord:
bijvoeglijk naamwoord:   bijvoeglijk naamwoord:
tegenwoordig deelwoord:   tegenwoordig deelwoord:

 

  heten     spannen
tegenwoordige tijd verleden tijd   tegenwoordige tijd verleden tijd
ik   ik
hij   hij
wij   wij
voltooid deelwoord:   voltooid deelwoord:
bijvoeglijk naamwoord:   bijvoeglijk naamwoord:
tegenwoordig deelwoord:   tegenwoordig deelwoord:

 

  aanraden     bakken
tegenwoordige tijd verleden tijd   tegenwoordige tijd verleden tijd
ik   ik
hij   hij
wij   wij
voltooid deelwoord:   voltooid deelwoord:
bijvoeglijk naamwoord:   bijvoeglijk naamwoord:
tegenwoordig deelwoord:   tegenwoordig deelwoord:

 

  lachen     weven
tegenwoordige tijd verleden tijd   tegenwoordige tijd verleden tijd
ik   ik
hij   hij
wij   wij
voltooid deelwoord:   voltooid deelwoord:
bijvoeglijk naamwoord:   bijvoeglijk naamwoord:
tegenwoordig deelwoord:   tegenwoordig deelwoord: