LES 12

 Vul de verleden tijd (v.t.) in.

Klik pas op controle wanneer je denkt dat je helemaal klaar bent.

Succes!

 

Ik dat pas veel later.
Het mij niet de auto op gang te krijgen.
Wij gisteren al antwoord.
Mijn moeder elke dag tien kilometer.
De meisjes er lustig op los.
jij je in de weg naar huis?
Hoe je vriend ook alweer?
De tuinlieden nieuwe bomen in het plantsoen.
De watersnood veel schade .
Mijn oom altijd tot zes uur.
De juf de namen van alle leerlingen.
Mijn broertje en ik elke week tien gulden.
Het sportvliegtuig op het vliegveld.
Het meisje zich te veel.
De bakker de bakkerij schoon.
de kip iedere dag een ei?
Zijn oude fiets hij verkopen.
De agent de nieuwsgierige mensen.
De mensen de vragen van de enquête.
Erica het gevangen vogeltje.
De man ons tien euro.
Vroeger men meer met de trein dan tegenwoordig.
De schipper de zeilen van zijn tjalk.
Alleen de waaghalzen op het ijs.
De sneeuwballen langs mijn oren.
de steen in het water?
De timmerman de plank helemaal glad.
Onze ouders een angstig avontuur.
Mijn zusje haar enkel.
Mijn ouders een mooie klok.