LES 23

Maak de zinnen compleet:

Klik pas op controle wanneer je denkt dat je helemaal klaar bent.

Succes!

 

Vul het bijvoeglijk gebruikt voltooid deelwoord in:

De haring smaakt heerlijk.
De schade was erg groot.
De patiënt voelde zich erg ziek.
De foto’s waren erg groot.
De melk smaakte vies.
De huizen werden afgebroken.
Naast de landingsbaan lag het vliegtuig.
Hij bekeek het boek met wenkbrauwen.
In de lade lagen de brieven.
Wij namen de video mee.
De bemanning verliet het schip.
De opnieuw stoelen waren prachtig.
Wij reden met plezier over de weg.
De boeken werden opgeruimd.
Veel vogels dreven in het water.

Vul de tegenwoordige tijd (t.t.) in.

De blinden jongen de opgezette vogel.
De brandweer met zes stralen
Toch het gebouw helemaal uit.
De herder de schapen op de hei.
De schuur helemaal herbouwd.
Een aardbeving het bergdorp totaal.
Piet en mijn broer .
De lawine met groot geweld naar beneden.
Ik en de som nog eens.
De rechter de dief en zijn gevangenneming.
Het ons zeer dat hij niet aanwezig .
De zeehaven langzaam dicht.
De goochelaar een daverend applaus.
Als je goed je het antwoord.
Het me, dat je niet blij .
je het antwoord.
Het me, dat je niet blij .
altijd eerlijk voor de waarheid uit, jongens!