LES 32

Vul het bijvoeglijk gebruikt voltooid deelwoord in.

Klik op het vraagteken om het bijbehorende werkwoord te zien.

Klik pas op controle wanneer je denkt dat je helemaal klaar bent.

Succes!

 

De brieven werden door de directeur gepost.
De Koerden werden door het Rode Kruis goed verzorgd.
Het scheepje werd door de vuurtorenwachter ontdekt.
Hij zette de glazen in de kast.
De hardloper hees zijn broek op.
De schilderijen waren prachtig.
Onze vrienden wonen nu in Brussel.
De generaal werd afgezet.
De soep werd door moeder weggegooid.
De prijsverhoging werd uitgesteld.
De eieren kwamen tegelijk uit.
Het kind was erg trots.
De mensen werden nooit gevonden.
Het losgeld werd niet opgehaald.
De leraar beantwoordt de vraag niet.
De kilometers in de bergen telden dubbel.
Het vliegtuig landt op de nieuw landingsbaan.
De tuinder verwijdert de planten.
Koningin Beatrix wenst het door haar schip goede vaart.
De weg werd spoedig weer opengesteld.
Met veel enthousiasme deed de leerling zijn werk.
Moeder heeft de pas bank afgestoft.
Wij kwamen om tien uur aan op de plaats.
De slecht reis mislukte helemaal.
Er werd een schadevergoeding aan de winkelier uitbetaald.
De olie spoot uit de pijpleiding.
Het bedrag was niet gering.
De reizigers liepen snel naar de uitgang.
Bij het kunstrijden waren veel figuren.
Zijn neus bezorgde hem veel last.

 

neus bezorgde hem veel last.