Les 5

Zoek de stam of de ik-vorm en schrijf deze achter het hele werkwoord.

Klik pas op controle wanneer je denkt dat je helemaal klaar bent.

Succes!

 

 

 

☻ juichen ► ☻ schrobben ► ☻ blozen ► ☻ dansen ► ☻ lusten ► ☻ posten ► ☻ kuchen ► ☻ poetsen ► ☻ bonzen ► ☻ krabben ► ☻ blazen ► ☻ beplanten ► ☻ testen ► ☻ zetten ► ☻ flitsen ► ☻ wijzen ► ☻ plunderen ► ☻ maken ► ☻ bereiden ► ☻ vergissen ►