Tessa

 

Vandaag is het afscheidsfeest van de basisschool. Afscheid van de Knoert bij wie we drie jaar lang in de klas hebben gezeten en die we in die drie jaar steeds dikker hebben zien worden. In het grote gymnastiek­lokaal is een podium gebouwd met echte gordijnen en prachtige decors. Tot vlak voor het toneel staan de rijen klapstoelen opgesteld. Juf Josje, onze muzieklerares, zit achter de piano en speelt het ene lied na het andere om de stilte te doorbreken.

Wij staan in een rij aangekleed en geschminkt achter het gordijn te loeren wie er allemaal binnenkomen. Ik zie er bespottelijk uit in een gele jurk met allemaal stroken en op mijn hoofd een hoed waarop een fruittuin is gebouwd. Ik ben de zangeres zonder stem uit het stuk, die iedere keer weer probeert te zingen. Opeens zing ik dan de ene aria na de andere. Maar dat is een ander, terwijl ik moet doen alsof. Iedere keer weer met de repetities begon iedereen ontzettend te lachen bij die scène. Maar het playbacken was wel moeilijk! Ook thuis oefende ik me blauw om het lied goed onder de knie te krijgen. Avond aan avond ... Wekenlang hebben we geoefend tot de Knoert - 1 - en alleen maar wanhopig uitriep: "Ik hoop dat jullie nou eindelijk eens echt gaan verdwijnen van school. Jullie kosten me handenvol werk."

Achter het gordijn is het rumoerig en het liefst zouden we allemaal gaan rondlopen om te zien wie er komen, maar dat mag niet van de Knoert. "Héé psst,Tessa, kijk eens wie daar aankomen," fluistert Dorien. Ik zie mama en Eefje. Maar daar achteraan loopt Robbert en ook François!" - 2 - Waar komt die nu vandaan? Hoe krijgen ze het in hun hoofd. Ik ga niet op," kerm ik. "Oh kijk nou, ze gaan nog vlak vooraan zitten ook. Ik doe het niet," kerm ik weer, "in die idiote jurk zeker. Ik sta volledig voor aap. Hij zou pas morgen aankomen. Wat een gemene streek om hem mee te nemen:' "Misschien komt hij voor jou;' grinnikt Dorien, "of voor mij. tenslotte hebben we evenveel kansen:' Dorien port me in mijn rug: "Juist goed joh, dan kan hij onder de indruk komen." "Als ik dat geweten had," zeg ik dreigend ... "We kunnen hem moeilijk terugsturen;' giechelt ze. "Ik wil niet dat hij me ziet in die bespottelijke kleren. Oh ik haat mijn familie. Hoe kunnen ze zo achterlijk zijn om hem mee te vragen, zonder dat met mij te overleggen." "Houden jullie je eens stil," roept de Knoert, "mijnheer Verdam gaat zijn welkomstwoord spreken." "Als je niet wilt dat hij je in die kleren ziet, moet je ze uittrekken," fluistert Dorien nog. "Wat dacht je ervan als we allemaal bloot het toneel op komen."

Ik krijg pijn in mijn buik van het lachen en mijn hart gaat heel vreemd tekeer. Ik - 3 - François is al vijftien en ik ben pas dertien. Misschien heeft hij in Frankrijk wel een echte vriendin. Eigenlijk hebben we niet meer dan een paar woorden met elkaar gewisseld. Waarom is het dan toch zo belangrijk?

Als directeur Verdam is uitgesproken, voel ik het zweet op mijn voorhoofd staan, - 4 - Maar Dorien duwt me gewoon tussen de gordijnen door het toneel op. "Zet 'm opTessa." Ik sta daar voor gek alleen en opeens voel ik hoe blij ik ben dat ik geschminkt ben. Het is net alsof ik 't niet echt ben. Ik onderscheid geen gezichten, het is één grote massa geworden. "Dames, heren, vrienden, familie en bekenden ..." Mijn stem wordt steviger. Ik zie opeens oma Tes zitten. Ze geeft me een knipoog en dan ga ik zomaar rechtop staan. Het is alsof ik haar stem hoor. "Jij, Tessa Toeback ... natuurlijk kun jij ingenieur worden ... waarom zou jij dat niet kunnen ... van jou zullen we nog te horen krijgen!" "Vanavond spelen we 'De Zangeres zonder Stem', muziek Josje de Waal en geschreven door de Knoert." Ik voel me vuurrood worden. De zaal juicht en klapt als een bezetene. Als ik weer achter het gordijn sta, geeft de Knoert me een klap op m'n schouder en zegt: "Ik vind Knoert leuker dan Spiegelberg. Goed gedaan!"