Voorzetsels 3

Schrijf de voorzetsels in de witte vakjes. Klik pas op controle wanneer je helemaal klaar bent.

Door een lange laan kwamen we in het bos.
Onder het dichte bladerdak was het heerlijk koel.
Een eekhoorn klom tegen een stam en verdween tussen de bladeren.
Vlak voor onze voeten wipte een konijntje uit zijn holletje.
Wij wandelden de beek langs, in de richting van de drie eiken.
Sinds enkele maanden waren we niet bij de eiken geweest.
Henk kwam hier nu voor de derde keer.
Ik naderde de eik tot op vijf meter.
Plotseling bleef ik als aan de grond genageld staan.
Ik gaf een teken aan Henk.
Nu bleef hij ook op dezelfde plaats staan.
Wat zagen we daar vlak voor ons?
Naast de eik stond een reegeit tussen de struiken.
Onder Henks voet kraakte een takje.
Met sierlijke sprongen rende het dier het bos in.
We stonden het prachtige dier sprakeloos na te staren.